VAN ZORGPLAN NAAR LEEFPLAN
ANDERE KIJK OP CLIËNTEN
EEN VERANDERING VOOR BESTAANDE ORGANISATIES
ELKE VRAAG HEEFT EEN EIGEN AANPAK NODIG
COMMUNICATIE OVER DE VRAAG
HULPMIDDELEN VOOR DOENERS
 

 

VAN ZORGPLAN NAAR LEEFPLAN

Mensen worden zich in de loop van hun leven steeds meer bewust van eigen wensen en behoeften. Vooral de generatie 'jongere senioren' (vanaf 55 plus) is opgegroeid met een andere manier van leven dan hun ouders. Zij accepteren steeds minder de standaardzorg van verzorgingshuizen, thuiszorg of andere voorzieningen. Tegelijkertijd kan het voor hen lastig zijn om duidelijk aan te geven wat zij aan ondersteuning en zorg nodig hebben. Dat begint ermee dat men voor zichzelf duidelijkheid moet hebben. In welke levensgebieden wil iemand vooral tijd, middelen en energie steken, in geval van een handicap of lichamelijke beperkingen? Hoe kan een oudere eigen levenservaring en deskundigheid inzetten voor de doelen die hij of zij wil bereiken?
Dit alles vraagt een ander perspectief op zorg en vooral ook een visie op zorg die praktisch is maar veel te maken heeft met de visie en doelstellingen van personen.
Om vraaggerichte of vraaggestuurd zorg mogelijk te maken, zijn nieuwe handvatten nodig. Vooral de vraag van cliënten moet duidelijk worden. Welke behoefte is er bij hen aan welke soorten ondersteuning? Hoe kan zorg het beste worden ingezet, zodat de cliënt een leven leidt dat bij hem of haar past? Een leefplan is een hulpmiddel om dit in kaart te brengen.

Artemea heeft een methodiek ontwikkeld voor een leefplan met vijf leefgebieden: de 'schijf van vijf'.
(zie ook: onder de kop 'publicaties' op deze website het boek "Van zorgplan naar leefplan")
Deze methodiek is bottum-up ontwikkeld, samen met ouderen, mensen met een handicap en medewerkers Het leefplan is voorzien van allerlei werkvormen, zoals een wensboom, vragenlijst en schilderijmethode. Deze werkvormen zijn bedoeld als ondersteuning, om het eenvoudiger te maken om leefplannen op te stellen die passen bij de specifieke situatie van de cliënt. In de bijlage van het boek zijn werkmaterialen opgenomen, zoals:

Werkmaterialen zijn alleen te downloaden onder voorwaarde van gebruik met logo Artemea, in verband met auteursrecht. In de publicatie Van zorgplan naar leefplan treft u een beschrijving aan voor het toepassen van de methodiek.

Mevrouw de Beer van 63 jaar gaat na een CVA (beroerte) thuis vanuit een speciale CVA-afdeling in het ziekenhuis. Er is thuis voor langere tijd hulp nodig bij de dagelijkse verzorging: opstaan, wassen, aankleden, toiletgang. Mevrouw de Beer heeft veel contact met drie vriendinnen, waarmee ze regelmatig uitgaat en afspreekt. Ook houdt zij veel van films, zowel op de televisie als in de bioscoop.
Zij heeft in de ochtend en begin van de avond de meeste energie voor het ondernemen van activiteiten. 's Middags rust ze een uur of drie.
Het leefplan dat zij opstelt en afspreekt met haar ondersteuners (een verpleegkundige, drie verzorgenden, vier vrijwilligers en twee mantelzorgers) maakt het haar mogelijk om een week- en dagprogramma te realiseren waarin dit alles gebeurt.

Bron: Van zorgplan naar leefplan. Verbeek, 2005

 

  

ANDERE KIJK OP CLIËNTEN

Vraaggerichte en vraaggestuurde zorg betekent een andere kijk op cliënten. Er is sprake van een ander mensbeeld, waarin cliënten als persoon centraal staan. Vroeger was er van cliënten als individuen met eigen leven en eigen kenmerken weinig zichtbaar. Mensen werden veel meer als groep patiënten gezien en benaderd. Dat gold het meest duidelijk voor mensen die in instituten (internaten, inrichtingen) werden opgenomen en daar een geïsoleerd leven leidden. Bij hen werd gekeken hoe het met hun klachten, handicaps en beperkingen stond. Groepen bewoners in verpleeghuizen en inrichtingen werden ingedeeld op afdelingen al naar gelang de zwaarte of soort klacht. Er was maar beperkt ruimte voor persoonlijke wensen en sociale contacten. Familie en vrienden mochten bijvoorbeeld 'op bezoek' komen, op bepaalde tijdstippen die de instelling bepaalde. Bij vraaggerichte en vraaggestuurde zorg is er veel meer zichtbaar en belangrijk van de individuele persoon. Dus ook het werk of de activiteiten die de cliënt heeft, de contacten in de buurt, het leefpatroon en niet te vergeten de competenties van mensen. Competenties zijn vaardigheden, kwaliteiten en mogelijkheden die een cliënt heeft. Zoals een medewerkster van een voorziening voor mensen met een verstandelijke handicap zei:

"De cliënten hier zijn niet zozeer jongeren met een handicap. Die handicap hebben ze wel, maar we zien ze allereerst als mensen die zich net als iedereen willen ontwikkelen".

 


Verschuiving in kijk op cliënten

Bron: De vraag centraal, werkt dat? Verbeek, 2003  

 

 

EEN VERANDERING VOOR BESTAANDE ORGANISATIES

De ontwikkeling van een aanbodgerichte naar een vraaggerichte of vraaggestuurde organisatie vraagt sturing. Het is een uiterst dynamisch proces, met wijzigingen van zorgconcept, organisatieconcept en personeelsconcept. De verandering kan abrupt gaan of in fase, via de weg der geleidelijkheid. De snelheid waarmee een en ander gaat is sterk afhankelijk van de hoeveelheid externe druk, door politiek, overheid, zorgverzekeraars, concurrentie in de regio en last but not least de opstelling van cliënten. Interne bereidheid tot verandering, erkenning van de knelpunten van de zorgvragers en inzet en capaciteiten van managers en anderen in de organisatie bepalen het proces evenzeer.

Artemea heeft een model voor de ontwikkeling van vraagsturing in organisaties. Hierin zijn verschillende concepten uit de bedrijfskunde (met name: HRM, marketing, strategisch management en verandermanagement) gecombineerd in één schema, met daarbij de uitdagingen voor managers om aan te werken.

Niet voor niets heeft dit 'transformatiemodel' de vorm van een huis, waarbij het dak bestaat uit de ontwikkeling van de organisatie en de keuzes die gemaakt worden bij het veranderingsproces. De behoeftes van zorgvragers en de wijze waarop medewerkers daarop kunnen reageren vormen het hart van het huis. Het is de bedoeling dat zorgvragers hun persoonlijke wensen op het gebied van zorg, wonen, recreatie, etcetera zoveel mogelijk kunnen realiseren. Medewerkers kunnen gestimuleerd worden en aangesproken op hun kwaliteiten om deze zorg te bieden.

In elk blok zitten aangrijpingspunten voor verandering. Het model kan gebruikt worden voor schatten van prioriteiten en maken van keuzes.


Artemeamodel voor een vraaggerichte en vraaggestuurde organisatie

Bron: De cliënt centraal, wat nu? Verbeek, 2002  

 

 

ELKE VRAAG HEEFT EEN EIGEN AANPAK NODIG

"Vraaggestuurde zorg voor GGZ-cliënten? Hoe doe je dat dan?" [unithoofd GGZ-instelling]

Artemea maakt gebruik van uiteenlopende middelen om met cliënten, medewerkers en managers vraaggerichte en vraaggestuurde zorg te realiseren. Elke organisatie en elke situatie vraagt om een eigen aanpak. Zo gebruiken we van beproefde methoden uit de zorgsector en de bedrijfskunde, waaronder verbetermethodieken, organisatiemodellen en leertrajecten. Deze zetten we vaak om in praktische, handzame versies, die toegankelijk zijn en daardoor beter aansluiten op de groep mensen waar het om gaat.

 

Vragenlijst 'cultuur van vraaggerichtheid':

Komen de volgende verschijnselen in uw organisatie voor?

  1. Een wachttijd van meer dan 3 minuten bij de balie
  2. De organisatie is op piektijden telefonisch onbereikbaar
  3. Cliënten/gasten vragen de weg omdat zij verdwaald zijn
  4. Medewerkers en cliënten/bezoek gebruiken verschillende toiletten
  5. Het is ongebruikelijk om samen met een cliënt 's ochtends koffie te drinken
  6. Een wachttijd van meer dan 15 minuten voor een afspraak
  7. Medewerkers weten niet wat zij cliënten kunnen toezeggen
  8. Cliënt krijgt slechts één aanbod voorgelegd
  9. Medewerkers werken onvoldoende samen bij vragen van cliënten
  10. Medewerkers hebben geen zicht op aanbod vanuit andere instellingen
  11. Medewerkers niet op de hoogte van de behoeftes/zorgvragen van de cliënt
  12. Klachten worden niet (tijdig) behandeld

Bron: De cliënt centraal, wat nu? Management van vraaggerichte en vraaggestuurde zorg (Verbeek, 2002)  

 


 

COMMUNICATIE OVER DE VRAAG

Communiceren over het 'wat', maar ook het 'waarom' van veranderingen is uiterst belangrijk.

Communicatie bij de ontwikkeling van vraaggerichte en vraaggestuurde zorg betekent: mensen op de hoogte houden van het proces. Waar gaat het om? Wat willen we nu met elkaar? Wat zijn veranderingen die komen? En als die veranderingen er eenmaal zijn is er ook communicatie nodig over de oogst: wat merken we ervan? Voldoet het nu meer aan de verwachtingen?

Participatie is: gericht betrekken van groepen mensen bij de ontwikkeling, hen een stem geven en invloed op de besluitvorming. Wat vinden cliënten(groepen) en medewerkers ervan? Wat zijn hun wensen? Hoe kunnen we die meenemen? Maar ook: wat kunnen cliënten en medewerkers actief bijdragen? Wat is hun verantwoordelijkheid eigenlijk?

Groepsgesprekken, panels, debatten en 'werkplaatsen' zijn goede manieren om mensen te betrekken bij veranderprocessen. Communicatie is nodig om tot vraaggerichte zorg te komen.


"Als je niet weet wat elkaars dromen zijn, kun je ook niet met elkaar werken aan nieuw beleid" [teamleidster].

Een werkplaats is een 'heidag' of een werkbijeenkomst met mensen (groepen medewerkers, cliënten, managers) waarin samen wordt nagedacht over een betere, meer vraaggerichte zorg. Op zo'n dag werk je met elkaar aan nieuwe beelden.

Bron: "De cliënt centraal, hoe doen we dat? Coaching van vraaggerichte en vraaggestuurde zorg"  

 

 

HULPMIDDELEN VOOR DOENERS

In de praktijk is er een grote behoefte aan heel praktische methoden en werkvormen om een vraaggerichte of vraaggestuurde zorg te realiseren. Artemea heeft een analyse gemaakt van wat er is. Niet alles is altijd even bruikbaar. Te veel methodieken en werkvormen zijn vrij abstract of vergen zoveel tijdsinvestering dat het te lang duurt om met de knelpunten rondom vraagsturing aan de slag te gaan.

Veel mensen die in de zorg werken, zijn meer 'doeners' dan 'praters'. Daarom ontwikkelen we zelf actieve hulpmiddelen om vraaggerichte zorg tastbaar te maken: creatieve werkvormen, bijvoorbeeld de schilderijmethode, bewegingsmethodieken en een cartoonmethodiek. Deze methodieken ondersteunen mensen bij het bewust worden van hun opvattingen over hun werk.  

       Toekomstwens ziekenverzorgende